21
nov
2019
0

Milieu en een prachtige recensie in het Jaarboek

Afgelopen dinsdag beleefden mijn collega’s en ik de jaarlijkse presentatie van het Jaarboek Parlementaire Geschiedenis. Dit jaar was het thema “natuur, milieu en klimaat”. Hoogst actueel natuurlijk, maar ook historisch zeer interessant.

Zelf blik ik in het jaarboek terug op de ontstaansgeschiedenis van het ministerie van Volksgezondheid en Milieuhygiëne (Vomil). Dat ministerie ontstaan in de zomer van 1971, wanneer ook de eerste sombere voorspellingen van de Club van Rome uitlekken. Met vervuilde rivieren, verontreinigd drinkwater en smogproblemen, wordt het milieu  hét politieke thema van dat jaar. Terwijl Vomil nog niet eens over een eigen gebouw beschikt, wordt het nieuwe ministerie overstelpt met Kamervragen en beleidswensen. Lijnrecht tegenover deze politieke en maatschappelijke ambities staan de discussies en gevechten over competenties en taakverdeling tussen de Haagse ministeries. Vomil moet zich invechten, wat slechts mondjesmaat lukt. Tot frustratie van het parlement, verloopt de beleidsbepaling daardoor uitermate traag. Als dan ook de conjunctuur draait en de economie na de oliecrisis van 1973 in moeilijkheden komt, begint ook de politieke en maatschappelijke aandrang te verstommen. Met banen op het spel is het milieu plotseling uit.

Naast het stuk over Vomil staat er ook een in memoriam van Johan Witteveen in het Jaarboek. Bovendien wordt Jelle zal wel zien besproken door Joop van den Berg. Een “schitterende biografie” schrijft Van den Berg, waarna een mooie analyse volgt van de wijze waarop Zijlstra zich opstelde als apolitiek expert. Het is inderdaad een perspectief dat als een rode draad door het boek loopt. “Waarschijnlijk ging hij [Zijlstra – JH] er op zijn minst ten dele zelf in geloven,” merkt Van den Berg scherpzinnig op.

 

 

Leave a Reply